BlauwBloed--overlayTop BlauwBloed--overlayBottom BlauwBloed--overlayHeader BlauwBloed--overlayLeft BlauwBloed--overlayOrange Icon--npo Icon--EO Icon--tag Icon--search Icon--menu Icon--close Icon--image Icon--photo Icon--audio Icon--video Icon--play Icon--instagram whatsapp instagram-with-circle Icon--mail twitter twitter-with-circle facebook facebook-with-circle Icon--rss clock

Jijen en jouwen tegen de koning

ACHTERGROND - De sportverslaggeefster die de Spaanse koning, Felipe, met ‘jij’ aansprak, heeft dat geweten. De vorst zelf bemoeide zich er niet mee, maar veel van zijn onderdanen konden de amicale toon bepaald niet waarderen. Hoe zit het met royals en de manier waarop ze (willen) worden aangesproken? Een rondje langs de velden.

Zondagavond, na de EK-basketbalfinale Spanje – Litouwen (die door de Spanjaarden overtuigend werd gewonnen) werd koning Felipe geïnterviewd door verslaggeefster Maria Victoria Albertos van Telecinco, een Spaanse commerciële zender. Ze hanteerde de woordkeus die ze wellicht zo gewend is, dat ze er niet bij nadacht: ‘Je was bij de spelers na afloop van de wedstrijd, bij de voorbereiding toen ze in Madrid speelden en je beloofde je agenda vrij te maken als ze de finale haalden.’ Kennelijk realiseerde ze zich op het laatst alsnog wie ze voor zich had, want ze verwisselde bij haar slotvraag ‘jij’ in voor ‘u’. Het kwaad was toen natuurlijk al geschied. De koning dacht er misschien het zijne van maar liet niets merken. Twitteraars daarentegen lazen de journaliste massaal de les. Er gingen teksten haar kant op als:  ‘Waar haalt deze tante het lef vandaan de koning met jij aan te spreken?’ en ‘Heeft dan niemand meer respect? Vandaag is het de koning, vorige week was het mijn 87-jarige moeder.’

Natuurlijk waren er ook andersoortige reacties, in de trant van: hallo, het is 2015. ‘Wie vasthoudt aan ‘u’ voor de koning kan beter terugkeren naar de 16e eeuw.’

Niet heel preuts

Als verzachtende omstandigheid voor de Spaanse verslaggeefster zou je kunnen aanvoeren dat de setting van een sportprogramma altijd wel een zekere losheid met zich meebrengt. Dat kon niet worden gezegd van de persontmoeting die de Deense koningin, Margrethe, in april dit jaar had ter gelegenheid van haar 75e verjaardag. Een jonge journalist stelde haar een vraag, waarbij hij de vorstin onbekommerd tutoyeerde. Vriendelijk lachend riep ze hem tot de orde.

'Sorry, ik wil niet heel preuts zijn, maar ik geloof niet dat we samen op school zaten. Dus volgens mij zeggen we niet 'je' en 'jou'. Menigeen zou ter plekke onmiddellijk van schaamte zijn gesmolten, maar deze jongeman verblikte of verbloosde niet en vervolgde zijn vraag, maar nu dus met ‘u’.

Aardig

Ook van prinses Beatrix is bekend dat ze hecht aan omgangsvormen. Haar moeder gaf de voorkeur aan de aanspreektitel ‘Mevrouw’ maar zij liet bij haar aantreden weten dat ze het liefst met ‘Majesteit’ wenste te worden aangesproken. Je moet dus wel van heel goeden huize komen wil je met haar op voet van ‘jij’ en ‘jou’ verkeren. Oud-premier Lubbers hoort tot dat selecte gezelschap. Iemand met wie je in het holst van de nacht anderhalf uur lang aan de telefoon zit (volgens prins Claus was dat ooit gebeurd)  en met wie je zo’n vertrouwensband hebt dat hij je adviseert  ‘nu eens aardig te zijn’ tegen je nieuwe toekomstige schoondochter (Lubbers volgens eigen zeggen tegen de toenmalige koningin) hoeft op een gegeven moment geen ‘u’ meer te zeggen.

Zoals gezegd hield Beatrix de kring van jij-zeggers beperkt. Haar jaargenoot en latere schrijfster Marijke Harberts mocht haar wel tutoyeren, maar dat had ze volgens Vrij Nederland te danken aan het feit dat ze samen in de redactie zaten van het orgaan van de Vereeniging van Vrouwelijke Studenten te Leiden. Het ge-jij en ge-jou in het verguisde koningslied, om maar eens even een generatiesprong te maken, zal de prinses ongetwijfeld met afgrijzen hebben vervuld.

Diner

Willem-Alexander en Máxima proberen uit te stralen dat hun aanspreektitel hen niet erg boeit. De – toen nog toekomstige – koning zei ‘geen protocolfetisjist’ te zijn en in hetzelfde interview verwoordde Máxima het als volgt: ’Uiteindelijk, koningin of prinses, het doet er niet toe. Het is meer wat wij vertegenwoordigen dan de titel.’ Ze had daarvoor, op een toon van er-is-toch-niets-meer-aan-te-doen, gezegd dat iedereen haar toch al bij de voornaam noemt. Dat zal best zo zijn - als ze ergens arriveert om een verpleeghuis of een naar haar vernoemd kanaal te openen, roepen de onderdanen ‘Máxima!’ in de hoop dat ze de foto van hun leven kunnen maken. Maar de koningin zou toch heel gek kijken als een burgemeester of andere hoogwaardigheidsbekleder zou voorstellen: ‘Máxima, als jij dit lint nu eens doorknipt…’

Soms lukt het een vorst zowel een ongedwongen als een afstandelijke benadering af te dwingen. Dat geldt voor koning Mohammed VI van Marokko, die zich enerzijds graag afficheert als nieuw en modern, en afstand neemt van de stijl van zijn meer dictatoriale vader. Anderzijds is hij een absoluut vorst, met wie niet te spotten valt. Die twee uitersten komen mooi tot uitdrukking in het volgende voorval: de Frans-Belgische rocker Johnny Hallyday had de koning eens uitgenodigd voor een diner. Die uitnodiging werd aanvaard, maar de gastheer had geen idee hoe hij de hoge gast moest aanspreken. Hij vroeg het hem maar gewoon op de man af, waarop de koning zei: ‘Je kunt me Majesteit noemen en me tutoyeren.’

 

AV

 

Meer over

Dit artikel zit in de dossiers: